Vraag:
donderdag, 27 november 2003

Hallo,
Mijn dochter van 8 is sinds dit schooljaar weer regelmatig in bed gaan plassen. Iets wat ze eigenlijk al vanaf haar vierde, zeker vijfde jaar niet meer deed. Alleen de eerste week dat ze naar groep 3 ging, maar daarna niet meer. Nu gebeurd het vrijwel iedere week een of twee keer. Gisteravond zelfs 2 keer in een nacht, terwijl we haar ook nog hadden laten plassen tussendoor. Sinds ongeveer een maand zijn we weer begonnen haar 's avonds te laten plassen, dit helpt redelijk maar niet voldoende.
Sinds september is ze vijf uur per week gaan trainen voor turnen. Ook is ze dit jaar veel harder op school gaan werken. Ik heb de indruk dat dit van invloed is, zeker omdat ze tijdens de herfstvakantie wel droog bleef. Ze heeft nu ook meer slaap nodig. Voorheen had ze altijd energie te over, het maakte nooit zoveel uit wanneer ze ging slapen. Nu merk ik dat ze 's avonds best moe is, al zal ze dat proberen te verbergen.
Misschien weet u waar deze terugval vandaan kan komen en wat we er eventueel nog meer aan kunnen doen.
Met vriendelijke groet, Tanja

Antwoord:
zondag, 30 november 2003

Het lijkt erop dat uw dochter nu weer nat is op de momenten dat ze moe is en daardoor mogelijk vaster slaapt en minder goed wekbaar is. Door de moeilijke wekbaarheid slaapt ze zodanig dat ze de blaassignalen niet meer onbewust ervaart en in bed plast. Het is ook niet elke nacht hetgeen aangeeft dat ze net rond de grens balanceert van, te vast slapen en net wel signalen ervaren. Ze zou zich bewust moeten worden van dit slaappatroon door te leren “stand by” te slapen, dat wil zeggen door middel van oefeningen je zelf aan te wenden dat je wakker wilt worden. U roept haar al een keer per nacht en daar zou u de oefeningen aan kunnen koppelen. Veel kinderen hebben een probleem om wakker te worden van de seintjes van de blaas. Beter wakker worden kan men leren. Om wakker te leren worden van een volle blaas moet ‘s avonds voor het slapen gaan geoefend worden in de vorm van inprentingsoefeningen . Dit moet heel gedisciplineerd gebeuren, pas dan kan de wekbaarheid beinvloed worden. Een voorbeeld: Een brandweerman die dienst doet in de kazerne zal misschien wel gaan slapen, maar met het idee, dat hij onmiddellijk wakker moet zijn, wanneer hij een bel hoort. Dit betekent namelijk dat er ergens brand is. Deze brandweerman heeft dat heel goed in zijn hoofd zitten en “ gaat erop slapen”. Hij wordt echt wakker en slaapt niet door het alarm. Een ander voorbeeld is wanneer je extreem vroeg op moet om naar Schiphol te gaan. Men slaapt dan anders dan wanneer je op zondag uit kan slapen. Het betekent dat je de wekbaarheid kan beïnvloeden. Wanneer je wakker wilt leren worden van een volle blaas kun je daar dus ook oefeningen voor doen.
Om bij wekken beter wakker te zijn, kun je dat bijvoorbeeld oefenen met een wachtwoord. Er wordt een woord afgesproken voor het slapen gaan, dit woord moet worden ingeprent worden in de trant; “als ik gewekt word moet ik onmiddellijk mijn wachtwoord zeggen”. Het moet natuurlijk iedere avond een ander woord zijn. Het kind moet oud genoeg zijn om het wachtwoord voor het slapen gaan goed in te prenten. Sommige kinderen voelen niet aan hoe intensief zij dat moeten doen. Zij hebben hulp nodig om voor het slapen een kwartier te oefenen door te herhalen wat ze moeten doen wanneer ze gewekt worden.
Door het inprenten en wakker worden van het wekken wordt er anders geslapen waardoor er ook kans is dat men makkelijker wakker wordt van de signalen van de blaas. Bovendien wordt er bewuster een plas op de wc gedaan zodat er een bewust wordingproces plaatsvindt, dat de volle blaas op de wc moet worden uitgeplast en niet in bed.
Tenslotte in het boek “Bedplassen daar wil je van af!” staan instructies en oefeningen om de wekbaarheid te verbeteren. Uw dochter kan het zelf lezen. U vindt meer informatie op de pagina “meer lezen?” van onze site

Veel succes.

Met vriendelijke groet

Marianne Vijverberg

Bestuurslid KCB en incontinentietherapeut

Lees meer hierover

Terug naar het vragenforum
Stel zelf een vraag